Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 18 november 2020

Bijdrage D66 inzake vaststelling begroting

Op 12 november stelde de gemeenteraad de programmabegroting unaniem vast. D66 Vijfheerenlanden is daar blij mee. Naast de aandacht voor duurzaamheid, groene mobiliteit, een toegankelijke woningmarkt en een gerichte aanpak van armoede- en schuldenproblematiek, zien we ook die speerpunten uit ons programma terug waar we nu even extra hard voor moeten hebben knokken: biodiversiteitsbeleid en kunst en cultuur.

Hieronder kunt u de bijdrage lezen van D66, zoals deze werd uitgesproken door fractievoorzitter Klaas de Zwaan.

________________________

“Voorzitter,

In de aanloop naar deze begroting hebben we verschillende discussies met elkaar gevoerd over ons huishoudboekje en onderhavige beleidsplannen. Deze willen we hier niet opnieuw voeren. Laat ik beginnen te stellen dat we blij zijn met deze begroting. En dat het college en ambtenaren complimenten verdienen voor de wijze waarop zij de input van de raad heeft meegenomen in het opstellen ervan. Er is ook heel goed geluisterd naar de inbreng van D66. We hebben samen een lange aanloop genomen, maar deze betaalt zich uit.

Het belang en de waarde van deze begroting moet worden geduid in de context van de huidige coronacrisis. Het is een uitzonderlijke tijd, met mogelijk grote consequenties voor lokaal bestuur. Gelukkig heeft Vijfheerenlanden heeft een goede uitgangspositie.

Maar laten we vooral niet vergeten dat de coronacrisis wezenlijke, grote gevolgen heeft voor de alledaagse levens van onze inwoners. Sommigen zijn hun baan of een groot gedeelte van hun inkomen verloren. Anderen gaan gebukt onder het gebrek aan contact en inspiratie. En voor sommigen geldt dat zij afscheid hebben moeten van hun dierbaren.

Het zou ongepast zijn als we daar geen aandacht aan zouden besteden.

Voorzitter, het is fijn te constateren dat het college kan en durft te investeren in onze gemeente en niet hoeft te bezuinigen. En wat ons betreft moesten die investeringen bijdragen aan een duurzamer samenleving, waar niemand buiten de boot valt. Een agenda waarin we oog hebben voor klimaat en natuur, maar juist ook voor hen die door corona in een nog kwetsbaarder positie zijn gekomen.

We zijn daarom content met het duurzaamheidsfonds dat als aanjager kan fungeren voor de energietransitie. We zijn blij met het mobiliteitsfonds – wat wat ons betreft vooral in het teken moet staan van verbetering van het openbaar vervoersnetwerk en het fietsklimaat – waar we samen met de CU en GL op zullen trekken. We blij met het budget voor biodiversiteitsbeleid en landschap, zodat we eindelijk werk kunnen maken van natuurherstel. We hebben ons voortdurend sterk gemaakt voor kunst en cultuur, vanuit het economisch perspectief van toerisme, maar vooral omwille van het feit dat onze musea, theater, podia en gezelschappen mensen verbinden en inspireren – en dat juist deze sector harde klappen in tijden van corona klappen heeft gekregen. Het verheugt ons dat sommige subsidies worden opgehoogd, dat er meer ruimte komt voor culturele initiatieven, dat cultuureducatie niet helemaal het kind van de rekening is geworden én dat er 1 miljoen voor een fonds voor cultuur en recreatie wordt gereserveerd.

Allemaal heel erg D66, dus u kunt zich die blijdschap voorstellen.

Maar we hebben ook oog voor kwetsbaren in onze samenleving, juist nu, zoals wij in eerdere bijdragen voortdurend hebben benadrukt. En de aandacht voor een gerichte aanpak van armoede en schuldenproblematiek is wat ons betreft een heel belangrijke prioriteit. Binnen dat kader ondersteunen wij van harte het amendement van CU en PvdA, wat tot doel heeft het budget van de Sociaal Maatschappelijk Agenda ook daadwerkelijk te gebruiken als een gerichte investering in een sociaal duurzamer gemeente.

Voorzitter, Hans van Mierlo zei ooit: “De begroting is net als een deken in de winter, als de een hem naar zich toe trekt, ligt de ander in de kou”. Het is uiteraard niet mijn intentie om de godfather van D66 tegen te spreken, maar uit de bespreking van vandaag kunnen we volgens mij afleiden dat niemand er rillend bij hoeft te liggen. Onder het dekbed van deze begroting is plek voor iedereen.”